|
De
criticus René Turkry schreef het volgende: “Kunst moet in
elk geval een middel blijven tot ontwikkeling en verheffing
van de hoogste menselijke vermogens, zijnde gevoel en
verstand. Wie zulke aspecten in de kunst bewaard wil zien,
klopt bij Hans Beers aan een goed adres aan. Deze
geëngageerde kunstenaar laat zijn werk steunen op een nooit
wereldvreemde realiteit en hij plaatst het in een brede
maatschappelijke context. Hij wordt getroffen door de
ideologische, morele en filosofische verschuivingen van deze
bewogen tijd. Religieuze waarden komen evenzeer ter sprake.
Onrecht of wreedheid kan hij niet voorbijgaan. Hij is
gekweld door het lijden van de mens, want het lijden lijkt
wel het losgeld dat de mens betaalt aan de vreugde van het
leven.”
|