|
|
Hij was de zoon van een Waalse koopman en had aan de universiteiten
van Leuven en Padua gestudeerd. In een tijd dat de geneeskunde nog
grotendeels wordt beoefend door kwakzalvers en obscure
pillenverkopers, neemt Lazarus in Antwerpen het voortouw om op een
meer wetenschappelijke manier aan behandeling van zieken te doen. In
1600 wordt hij stadsdokter en is hij aan het Sint-Elisabethgasthuis
verbonden. Elf jaar later wordt Marquis lector in de 'chirurgie',
waarbij hij tenslotte het stadsbestuur heeft weten te overtuigen om
een medisch college te installeren dat toeziet op de diploma's van
chirurgijnen, apothekers en vroedvrouwen. Hijzelf ziet als
belangrijkste element van de geneeskunde het goed observeren.
Aan de Antwerpse Sint-Jacobsmarkt 51 toont een plakette op een
19de-eeuws huis op welke plek de lijfarts van Rubens in die dagen
woonde.
|