ZIE, DE DUISTERNIS LEKT UIT DE SCHEUREN

Het Stille Pand

 

Lucienne Stassaert

bibliografie

beeldend

actief


Ik denk dat ik mezelf graag ‘Het meisje dat God wilde zijn’ zou willen noemen’, noteerde ze op 13 november 1949.
Haar perfectionisme komt echter in het gedrang omdat ze ‘te sterk geconditioneerd is door de conventionele omgeving van deze samenleving’. In een notendop vat ze hier de problematiek samen, waarmee ze haar hele leven geconfronteerd zal worden: het gevecht van de vlijtige en zich conformerende Sylvia met de donkere Sylvia die in alles tot het uiterste wil gaan. 

"Outcast on a cold star, unable to feel anything but an awful helpless numbness. I look down into the warm, earthy world. Into a nest of lovers' beds, baby cribs, meal tables, all the solid commerce of life in this earth, and feel apart, enclosed in a wall of glass." 

Sylvia Plath

 

Grenspunt

De vrouw is vervolmaakt.
Haar dode

Lichaam vertoont de glimlach van de voltooiing,
de illusie van een Griekse noodwendigheid

Golft in de voluten van haar toga,
haar blote 

Voeten lijken te zeggen:
zo ver zijn we gekomen, het is afgelopen.

Elk dood kind opgerold, een witte slang,
een aan elk klein

Melkkannetje, nu leeg.
Ze heeft hen weer

In haar lichaam gevouwen zoals een roos
haar bloembladeren sluit wanneer de tuin

Verstijft en geuren bloeden
uit de zoete, diepe kelen van de nachtbloemen.

De maan hoeft om niets te treuren,
starend vanuit haar benen kap.

Ze is zoiets gewend.
Haar zwart knistert en sliert.