|
De Amerikaanse dichteres Emily Dickinson
(1830-1886) schreef honderden gedichten, die na haar dood
werden uitgegeven. De weetgierige Dickinson leidde een
enigszins teruggetrokken leven, was fan van Shakespeare en
verkoos haar tuin met haar geliefde krekels en het licht op
de boomgaard boven de kerk.
In de bloemlezing Goedemorgen –
Middernacht – wordt een zo volledig mogelijk overzicht
gegeven van de thematiek van Dickinson. Ze schreef zowel
natuurgedichten als Poetry of definition, waarin haar
levensfilosofie tot uiting komt. Dood en leven, wel of niet
in verband met een afwezige geliefde, vormen eveneens een
cruciaal thema. Haar ‘eeuwigheidsbesef’ is daarvan het
middelpunt.
‘Het voornaamste kenmerk van Dickinsons
poëzie is de sterk gecondenseerde zegging, die zij op een
unieke wijze aan een spreektoon weet te koppelen’, noteert
vertaalster Lucienne Stassaert. Ook de talrijke ‘verbal
abnormalities’ doen daaraan geen afbreuk. Emily Dickinson
werd door Simon Vestdijk dan ook ‘een moderne avant la
lettre’ genoemd.
|