FRAGMENTARIA  

Het Stille Pand

 

Renée Van Hekken

actief


Sarissa Rombouts, saxofoon


" Toen ik de voorbije zomer met een buurvrouw in De Haan was, waren wij beiden verrast door de fijne sfeer " vertelt Van Hekken
" Zo kwam ik op het idee om mijn eerder uitgegeven dichtbundel ( & Vondel ) " Fragmentaria " opnieuw uit te brengen.
Die gaat over een liefdesgeschiedenis in een hotel in De Haan. Die liefde is al lang voorbij, maar de uitstraling ervan blijft mooi."

Winterblues-Nocturnes II - Bundel ( 2 de gedeelte van de bundel " Fragmentaria " nieuwe uitgave).

" Ik vond het afschuwelijk koud, de voorbije winter", rilt Renée nog na." Ik kreeg het in huis maar niet warm en liep ook nog een virus op waardoor ik zes weken moest binnen blijven. Ik schreef toen " Winterblues-Nocturnes II " Nieuwe cyclus gedichten." 

Tot daar citaten uit het interview door Wouter Peeters, journalist van de Gazet van Antwerpen.

 


Inleiding: Kurt Vermeiren (cultuurschepen Schoten)


Renée Van Hekken


Jan Van Poyer, klarinet

 

Slotgedicht

Aan deze einder komt geen einde,

Als een rapsodie doorheen je vingers glijdend,

Een ademloos landschap gelijk,

in zachte bewegingen,

Zoals valken vliegend en scherend in het zwerk.

Glijdend in hun soepele gestes,

als rokken wijds zwaaiend,

Hoofs.

In wanhoop en weten.

Tussen de wind aan zee,

Het kolkend water,

storm en zand tussen je nagels,

Liggen de woordklanken,

zacht als hoop, tintelend

Als champagne,

In de ochtend, op een zonnig terras,

Tegen het middaguur aan.

Nocturnes, is een droom overleefd.

 

uit " Fragmentaria " bundel Nocturnes II