Frits Schetsken

Kunstschatkist

Toermalijn

Bollebooswicht

Kunstschuimer

Kunstspotter

CALVARIEBERG

Quartier Latin

Een calvarieberg is een stenen of houten voorstelling van de kruisiging van Christus. De hele scène is buiten op een muur of binnen in kerken op een houten balk gemonteerd, zodat het een aanschouwelijk tafereel wordt waar je naar opkijkt. In het midden steeds Christus aan het kruis, met ter linkerzijde zijn moeder Maria en rechts zijn 'meest geliefde' leerling Johannes, die opdracht had gekregen om Maria onder zijn hoede te nemen. Soms staat er aan beide zijden nog een engel, of links een engel en rechts een duivel. Wanneer zo'n calvarieberg op straat staat opgesteld, is er vaak een lantaarn aan bevestigd. Het onderhoud van deze verlichting en de hele calvarie was doorgaans de taak van de omwonenden, de 'gebuurte'.


De historische Calvarieberg was een heuvel net buiten de stadsmuur van Jeruzalem. De naam luidt vertaald 'schedelberg', want calva of calvaria is Latijn voor schedel. Het Aramese woord daarvoor is golgotha, wat dus een synoniem voor calvarieberg is. Deze plaats voor terechtstellingen moest buiten de stadsmuren liggen.

Wanneer Herodes tussen 44 en 64 na Christus een tweede stadsmuur om Jeruzalem laat bouwen, komt de Calvarieberg tussen deze nieuwe en de oudere wal in te liggen. Na de Joodse opstand van 132 na Christus, bouwen de Romeinen op die plaats het kapitool van Aelia. In 326 laat keizer Constantijn de Grote, die het christendom tot staatsgodsdienst verheft, op de plaats van het intussen verwoeste kapitool een nieuw gebouw optrekken. Volgens de legende vindt Constantijns moeder Helena in de ruïnes van het kapitool het oorspronkelijke kruis van Christus terug. De kruisvaarders bouwen op de nabije plek van Christus’ graf in 1149 de Heilig Grafkerk, die nog overeind staat.


Tegen kerkgevels en op kerkhoven kom je calvariebergen in openlucht tegen, maar ook op plaatsen waar een brug over een gracht is of was. Antwerpen heeft daar drie voorbeelden van, je treft ze aan op het pleintje in winkelwandelgebied De Wilde Zee, tegen een zijgevel van het Museum Vleeshuis en in de Korte Nieuwstraat nabij de Sint-Katelijnevest. Het kruisbeeld dat nu voor de ingang van het Steen staat, was ooit ook zo’n voorbeeld. Het dateert uit 1722 en stond tot 1884 op de Gevang- ofwel Burchtbrug, die zich juist aan de andere kant van de burchtmuur bevond, waar ooit de burchtgracht liep en vandaag de helling naar het Steenplein is. Dit kruis werd toen nog geflankeerd door Maria en Johannes. Afzonderlijke kruisen op bruggen kom je vaker tegen, zoals in Mechelen op de Grootbrug tussen de IJzerenleen en de Guldenstraat. De lantaarns die aan dit soort calvariebergen hangen, waren destijds nog functioneel, want ze zorgden ervoor dat je niet in het water viel bij avond en nacht in de donkere stadsstraten.


Een heilige die specifiek op bruggen wordt geplaatst ter bescherming van zowel de brug als iedereen op of nabij het water, is Johannes Nepomucenus. Je komt hem tegen midden op de Leiebrug tussen de Broeltorens in Kortrijk en op de brug over de reie tussen de Wolstraat en de Eekhoutstraat in Brugge. In die laatste stad wordt Johannes wel eens de ‘enige echte Brug-geling’ genoemd. Johannes Nepomucenus was vanaf 1389 vicaris-generaal van het aartsbisdom Praag, die na een conflict met koning Václav in 1393 vanaf de Karelsbrug in de Moldau is geworpen en verdronk.  Pas na de heiligverklaring van Nepomucenus in 1729 verschijnen er beelden van hem in de steden.


Sommige calvariebergen hebben onderaan een nis, waarin vlammen te zien zijn met daar tussenin mensen. Dat stelt het vagevuur voor, een begrip dat sinds de vroege Middeleeuwen opgang maakt als plaats waar je de nog niet tijdens je leven goedgemaakte kleine zonden moet uitgeboeten. In principe zijn de daden van de zondaar wel vergeven, maar er hangt nog een straf aan vast, waardoor er nog geen toegang tot de hemel wordt verleend. Op aarde achtergebleven mensen kunnen daarbij helpen door te bidden, wat de tijd verkort die de zondaar in het vagevuur moet verblijven, of dat verblijf alvast wat aangenamer maakt. In het woord vagevuur hoor je ‘wegvagen’ of ‘uitvegen’. Dat slaat dus op het doel van het verblijf op deze plek. Wie echter met onvergeven doodzonden overlijdt, kan helaas geen gebruik maken van het vagevuur, die gaat rechtsteeks naar de hel, waaruit geen verlossing meer mogelijk is. De figuren die je – al dan niet met smekend opgeheven armen – in zo’n vagevuur onder een calvarieberg ziet, zijn dus geen verloren zielen.

Soms is er in plaats van een vagevuur een grafkelder, het Heilig Graf, waar Jezus na zijn dood in is gelegd. Doorgaans is dat graf leeg, de Opstanding heeft al plaats gevonden, met eventueel Maria Magdalena erbij en wachters ernaast.


CALVARIEBERGEN (selectie)


Calvariegroep Sint-Paulus, Veemarkt / Zwartzusterstraat, Antwerpen.

Een wel zeer bijzondere vorm van de calvarieberg vinden we in Antwerpen naast de Sint-Pauluskerk, opgericht op de oude begraafplaats van de dominicanen. Het is eerder een calvarietuin, een initiatief van de dominicaner gebroeders Ketwigh, daterend als ontwerp uit 1697 en gerealiseerd tussen dat jaar en 1734, met toevoeging van beelden tot 1747. Het gaat om liefst 63 levensgrote beelden en negen reliëfs, gebeeldhouwd door een hele reeks goeddeels onbekend gebleven kunstenaars, waaronder echter ook Kerricx, zowel de Oude als de Jonge, en Jan Pieter van Baurscheit de Oude. Een engelenweg klimt op naar het graf van Christus tussen links de profetentuin en rechts de evangelistentuin en leidt naar de kunstmatige rots, de eigenlijke calvarieberg met drie terrassen. Onder de berg brandt ook het vagevuur. Dit monument is toegankelijk via een zijdeur van de grote hoofdingang van de kerk. In 1963 is het in opdracht van de Stad Antwerpen gerestaureerd. Gratis toegankelijk van 1 april t/m 31 oktober 14-17u.


Calvariegroep, Driehespenstraat, Antwerpen - tegen de rechterzijgevel van het Museum Vleeshuis.

Oorspronkelijk in 1741 als houten kruis met enkel de Christusfiguur aangebracht op de Zakbrug over de Burchtgracht, de doorgang vanuit de Zakstraat naar het Burchtterrein. In 1758 uitgebreid met Maria, die in 1761 het gezelschap van Johannes krijgt. Allemaal natuurstenen beelden van Cornelis Van Dael. Er komen ook nog twee knielende engelen bij, maar die zijn recent weer gaan vliegen. Bij de beschieting van Antwerpen door de Nederlanders onder luitenant-generaal David Chassé in 1830 wordt Christus geraakt en twee jaar later wordt de beeldengroep tegen de muur van het Vleeshuis geplaatst, de zogeheten Bloedberg. Hier liep het bloed van de geslachte dieren in de gracht. In 1976 wordt heel de calvarieberg naar binnen gehaald in het Vleeshuismuseum, maar een flinke poos later, in 1987, komen er kopieën van de drie hoofdbeelden opnieuw in volle glorie buiten te hangen.


Calvariegroep, Korte Nieuwstraat 42, Antwerpen.

Deze calvarieberg staat op de vroegere brug over de Sint-Katelijnevest, voordat deze werd overwelfd. Die brug vormde meteen de scheiding tussen de Korte en de Lange Nieuwstraat. In 1736 is het kruis met Christusbeeld opgericht en dat krijgt in 1776 het gezelschap van Maria. Johannes komt  in 1782 het trio compleet maken. Die twee beelden zijn van de hand van Jan-Engelbert Pompe, een van de zonen van Walter Pompe, zelf een befaamde naam in Antwerpen. Het is zelfs zo, dat de Christusfiguur van deze calvarie verdacht veel lijkt op een houten naamgenoot in de Turnhoutse Sint-Pieterskerk en daarvan is het zeker dat Walter Pompe himself er de hand in heeft gehad. De tekst op de calvarie luidt “a VobIs VICInIs DeI aMabItUr CrUX”, waaraan ooit nog toegevoegd was “effIgIeM ChrIstI ConCorDes InnoVarUnt”  en wie goed is in het optellen van Romeinse cijfers (M-D-C-L-X-V-I = 1000 – 500 – 100 – 50 – 10 – 5 – 1) komt tot de jaartallen 1736 en 1815. Het laatste slaat op de terugplaatsing van deze calvarie nadat hij in de Franse periode verwijderd werd.  Een lantaarn helpt lieden om over de brug te komen zonder in het water te plonsen. In 1859 heeft Jozef Geefs deze groep gerestaureerd en tussen 1996 en ’97 heeft Sander Peters dat nog eens overgedaan.


Calvariegroep, Kammenstraat 51, Antwerpen.

Oorspronkelijk was hier een klooster van de wittevrouwen, waarvan de leden werden gerecruteerd uit prostituees die ‘het leven’ verlieten. Over zo’n ex-prostituee is in de middeleeuwen een mirakelspel geschreven. Zij was door een louche figuur meegenomen vanuit Nijmegen naar Antwerpen en daar ondergebracht in de uitspanning Den Guldene Boom aan de Grote Markt. Jawel, we hebben het over Marieken van Nieumeghen, die later als boetedoening naar zo’n wittevrouwenklooster in Maastricht wordt gestuurd. Vandaar dat je op deze calvarie naast Christus, Maria en Johannes ook nog een vrouwenfiguur vlakbij het kruis ziet knielen. Dat is Maria Magdalena, opgeklommen van ontuchtige deerne tot heilige en patrones van de wittevrouwen. Het barokke portaal met de beelden stamt oorspronkelijk uit 1652, maar wat je vandaag ziet zijn beelden van de Borgerhoutse beeldhouwer Albert Baggen uit 1931-’32. Het Sint-Vincentiusgenootschap dat zich hier in 1856 vestigde zorgde daarvoor. In 2002 is het geheel nog eens schoongemaakt en nu huist achter deze poort de Sint-Egidiusgemeenschap en de kleine woonvoorziening Simeon en Hanna voor een tiental hulpbehoevende bejaarden.


Calvariegroep Wilde Zee, Schrijnwerkersstraat, Antwerpen.

Ook hier weer een calvarieberg die oorspronkelijk op een brug stond, namelijk over de Lombardenvest en de Ramshoofdvest (nu Wiegstraat). Dit monument is opgeicht door de buurtschap in 1710 en na de Franse tijd opnieuw hier geplaatst. Medio 19de eeuw zijn de oorspronkelijke beelden van Christus, Maria en Johannes vervangen en dat gebeurde ook nog eens tegen het eind van die eeuw, toen er twee engelen het gezelschap kwamen vergroten. Jacob Van der Neer en Joannes De Greef hebben naar verluidt de eerste beelden gerealiseerd, waarna Jan Jozef Peeters in de 19de eeuw voor een nieuwe Christus zorgt, Jos De Plyn voor een heruitgave van Johannes, terwijl een zekere Theodoor Koob zich over Maria ontfermde. Maar in de jaren 1970 is Jan Jozefs Christusbeeld naar Museum Vleeshuis verkast en vervangen door een polyester dubbelganger van Jos Wilms. Via een deur aan de achterzijde in de muur waarop de calvarie staat, kon vroeger de rui – een aangelegde waterloop langs de vest - bereikt worden. Die bestaat nog steeds ondergronds, maar de  muur is enigszins verzet bij een latere heraanleg van het pleintje. Ook hier weer een lantaarn ter ere van Christus, maar ook en wellicht vooral om de brug veiliger te maken in donker Antwerpen.


Calvariegroep Sint-Martinus, Rue Saint-Martin, Ath.

De Broederschap van de Passie heeft in 1754 rechts van de toegang tot de Sint-Martinuskerk deze kruisweg opgericht met beelden die al in 1675 deel uitmaakten van een calvarie op het eind van de Rue des Hauts Degrés in een kruisweg langs de Athse versterkingen. De houten beelden zijn waarschijnlijk ergens tussen 1526 en 1575 vervaardigd, de maker is onbekend. Naast Christus aan het kruis, Maria en Johannes zie je hier ook links en rechts van Christus in de hoeken de kruisen van de twee moordenaars, rechts de ‘Goede’, waar Jezus zijn blik op richt en links de ‘Slechte’. Het 6,70 meter hoge kruis, dat vroeger verguld was, heeft op de uiteinden medaillons met de symbolen van de vier evangelisten. Ooit was ook Maria Magdalena nog van de partij, maar zij is in 1922 volledig ingestort. En naar verluidt moeten hier ook nog 18de-eeuwse Romeinse ruiters op post zijn geweest, maar hun diensttijd was kennelijk in de 19de eeuw voorbij en toen zijn ze verdwenen. Al voor de Tweede Wereldoorlog heeft René Sansen – beeldhouwer, historicus, archeoloog en de grote man van de monumentenzorg in Ath – deze calvarieberg gered en Johannes terug in goede staat gebracht. Vanaf augustus 1980 is de calvarie door het Koninklijk Instituut voor kunstzinnig erfgoed gerestaureerd en in 1994 heropgericht. Binnenin de Saint-Martinkerk kun je nog een oude graflegging gaan bezichtigen uit de periode 1480 tot 1520, door hetzelfde instituut van 1947 tot 1959 gerestaureerd en intussen nog tweemaal opnieuw onder handen genomen.


Calvariegroep Sint-Willibrordus, Grote Steenweg, Antwerpen-Berchem.

Deze groep van drie witstenen beelden dateert uit 1713 en bevindt zich aan de achterzijde van de kerk, waar de Grote Steenweg langs loopt. Onder het kruis staat het opschrift “Posuerunt Alphonsus Van Breusegem Elemosijnarius Antverpienses et Catharina Clement coniuges 1713”. (Hier in 1713 laten plaatsen door de Antwerpse stadsaalmoezenier Alfons Van Breusegem en zijn echtgenote Catharina Clement.) Mogelijk is deze groep het werk van de Antwerpse architect-beeldhouwer Alex Van Papenhoven (1668-1759), een schoonbroer van Jan-Pieter van Baurscheit en in 1749 directeur van de Antwerpse Koninklijke Academie voor Schone Kunsten. Hij is ook een van de beeldhouwers die hebben meegewerkt aan de Calvarieberg van de Sint-Pauluskerk in Antwerpen, waarvan het beeld Jordanus van Saksen als enige door hem is gesigneerd in 1709. Christus staat hier beschut onder een luifel en een lantaarn hangt onder het kruishout. ’s Avonds staat er een heuse spot op deze calvarieberg, die met de straatverlichting is verbonden.


Calvarieberg Sint-Pieters, Léandre Vilainplein, Oostende.

De Confrerie van de Berg van Barmhartigheid / Confrérie du Mont-de-Piété zorgt in 1766 voor de oprichting van deze calvarieberg tegen de noordgevel van de Sint-Pieterskerk. Wanneer op 14 augustus 1896 rond het middaguur een brand vrijwel de volledige kerk vernield, blijft vooral de toren met de calvarieberg behouden. Er wordt besloten tot het voorlopige behoud van de Peperbusse, zoals de toren wordt genoemd, dat in 1912 dankzij een besluit van de Oostendse gemeenteraad definitief wordt. Deze calvarieberg doet sinds 1998 enigszins aan als een theaterpodium met zijn roze open doek en een pseudo roze stoffen lambrisering, werk van Bart Verbeke. Boven de lambrisering de tekst “Christus Heeft Ons Bemind en Zich Zelven Voor Ons Geslachtofferd (Eph : v12)”. Christus hangt voor een panorama van begin 20ste eeuw vanaf Golgota op de stad Jeruzalem, Maria en Johannes staan aan de voet van het kruis voor de lambrisering. Beide houten beelden staan op een kunstrots met een nis, waarin een vagevuur woedt met de zielen van hen voor wie nog hoop is op het Hiernamaals. “Redt ons door uwe gebeden en goede werken” smeken vier witte figuren die tot aan hun middel in de vlammen staan aan de toeschouwers. En daar moet liefst niet langer mee worden gewacht, want deze personages zijn van hout. Een sierhek met arduinen pilonen met vazen sluit het tafereel af. Op 26 mei 1919 is deze toren geklasseerd, compleet met vagevuur.


Calvarieberg, Kalvariestraat / Heirbaan, Zele-Dijk.

Op de plaats van een in de Franse tijd vernietigde veldkapel is rond 1869 deze calvarieberg opgericht met levensgrote houten beelden van Christus, Maria en Johannes. Die houten exemplaren zijn in 1881 vervangen door gietijzeren beelden op rotsen, waarna het houten Christusbeeld naar de Onze-Lieve-Vrouw ter Noodkapel is verplaatst, maar daar is het vandaag niet langer aan te treffen na een herbouwing in 1966. In december 2000 zijn Maria en Johannes dan nog gestolen ook, enkel Christus ontsnapte aan de ontvoering. Gelukkig kwamen er in 2005 twee stand-ins voor de Heilige Maagd en de meest geliefde apostel, die plaats namen op een herstelde rotspartij. Roger De Wilde gaf ze een kleurtje.


Calvariemonument, Begijnhof z/n, Turnhout.

Opgericht in 1786 volgens het chronogram “o CrUX In CoeLUM Dux” onder een houten medaillon met buste van de Goede Herder. De halve cirkel van het monument wordt bekroond door Christus aan het kruis, terwijl onderaan Maria Magdalena in het lege graf vertoeft. Oorspronkelijk was er een eikenhouten kruisbeeld uit 1726 van de bekende beeldhouwer Walter Pompe, maar dat is in 1947 verhuisd naar het museum, waarna een houten kopie Christus’ plaats heeft ingenomen. Neem je de moeite om ook de achterkant te bekijken, dan zie je daar een open, houten kapelletje met een veelkleurig beeld van Christus op de Koude Steen, het moment dat Jezus bespot wordt door de trawanten van de hogepriesters.


Calvarie ’t Annaatje van ’t Pitje, Carmersstraat 84, Brugge.

Aangebracht tegen een 19de-eeuwse zijgevel dateert deze beeldengroep uit 1760. Christus en een in Brugse klederdracht gestoken vrouw zijn de hoofdpersonages bij dit levenseinde, een muurkapel brengt je terug naar het begin met Maria en haar Kind. Een zogeheten ‘alziend oog’ overschouwd het tafereel met daaronder “Dit hout gesneden beeld / als beeld aanbeit men niet / maar wel den God van wien / men hier het afbeeld ziet / niets weerdiger als het Heilig Kruis / want ‘t is de schroom van ‘t helsch gespuis / Anno 1760”. Gerestaureerd in 1974 en 1994.


Calvarieberg Begraafplaats, Kerkhofstraat, Retie.

Deze in 1923 aangelegde gemeentelijke begraafplaats werd aanvankelijk afgesloten met de calvarieberg, maar rond 1957 is er een uitbreiding gekomen, waardoor die nu meer middenin staat. De calvarie bestaat uit een rots van cementrustiek met arduinen gedenkplaten en arduinen kruis, waarop een zandstenen Christusbeeld. Ook de flankerende Maria en Johannes zijn van zandsteen en allemaal van beeldhouwer B. Gerrits. Onder het kruisbeeld een grafnis met doodskop en beenderen.


Calvarie in kapel Jezus in ‘t Steentje, Naamsestraat, Leuven.

De kapel is in 1814 gebouwd op de plaats van twee oudere kapellen op het vroegere kerkhof van de Sint-Kwintenskerk in classicistische stijl naar ontwerp van A. De Bruyn. Binnenin een houten portiekaltaar met daarin een schilderij op doek met calvarie en een in steen gebeeldhouwde Christus, waarbij het kruis als levende boom wordt voorgesteld. Buiten op de kapel staat “Sacellum S Crucis Civium Liberalitate Reædificatum MDCCCXIV”. Joseph de Rare was de pastoor die de kapel liet herbouwen na de verwoesting tijdens de Franse periode en hij wordt herdacht aan de zijgevel met “Me posuit R.D.J Derare, PSQL 1814”.


Calvariekapel, Naamsestraat ter hoogte Van Dalecollege (nr.80), Leuven.

Deze kapel is gebouwd op de plaats van de vroegere Heversche- of Sint-Kwintensbinnenpoort. In de fraaie rondboognis een naar verluidt 14de-eeuwse gekruisigde Christus met daaronder een 16de-eeuwse Maria en Johannes. Beschermd als monument in 1938.


Calvarieberg in kapel op het kerkhof, Kerkstraat, Bilzen-Rosmeer.

Een neogotische kapel met trapgevel en daarin drie slanke beelden in witte steen: Christus, Maria, Johannes.


Calvariekapel Ter Nood, Waashoek / Tjampensstraat, Anzegem.

Binnen een kapel van rode baksteen staan hier het kruis met witte Christus, met naast hem een grijze Maria en Johannes. In nissen in de zijkanten van de kapel staan links Arnoldus en rechts Antonius, aan de achterzijde wacht Maria met Kind. Boven het calvariekruis lees je “In onzen nood heer ontferm u onzer” en op een steen onderin “Met al vergruizelden en verzwonden te niete was ’t en al vergaan, maar pal en bijna ongeschonden bleven hier muur en kruisse staan.” Een gevelsteen geeft het jaar 1951 als oprichtingsdatum.


Calvarieberg, Poperingseweg / Hospitaalstraat, Vlamertinge.

Burggraaf E.-Jozef du Parc besluit om op zijn eigendom op de hoek van de Hospitaalstraat en de Poperingestraat een calvarieberg op te richten en de inwijding heeft plaats op Nieuwjaarsdag van het Heilige Jaar 1900. Op een heuveltje staat een kruis met Christus en op voetstukken Maria en Johannes ernaast. Ze staan in feite op het Mgr. Sixplein ietwat terzijde van het L-vormige gemeentehuis in neo-Vlaamse renaissancestijl van architecten Verhaert en Rochir. Het lagere hoekhuis is de conciërgewoning. Maar die dateren van na de Eerste Wereldoorlog en tijdens de oprichting van de calvarieberg waren hier nog louter zandstraten. Dat straatbeeld zie je op oude ingekleurde ansichtkaarten wanneer je ‘Vlamertinghe – Calvarieberg’ ingeeft op Google.


Calvarieberg Sint-Jans Onthoofding, Drabstraat 5, Schellebelle.

Tegen een zijwand van de toren onder een roodbruin houten baldakijn staat deze calvarieberg met naast een gipsen Christus aan het kruis de veelkleurige houten beelden van Maria en Johannes en onder de berg een vagevuur waar enkele koppen boven de vlammen uitsteken. Vier rechtopstaande grafstenen zijn onderaan in dit 19de-eeuwse geheel ingemetseld.


Calvarieberg in kruiswegpark, Place Arnold Franck 1, Moresnet-Chapelle.

In 1875 vestigen de franciscanen uit Aken zich in Moresnet en nemen de dienst in een genadekapel voor Arnold Franck over, waarheen heel wat bedevaarders komen. Pastoor Overste Johannes Ruiter wil de verering voor Maria verbinden met die voor Franciscus van Assisi en bedenkt een grootse kruisweg, waarlangs gelovigen met Maria zouden opstappen naar de verlossing van Christus. Met steun van baron F. Raiz von Trenz en samen met de lokale bevolking start hij de aanleg op een vlak terrein, waarop heuvels worden aangelegd. Er komen exotische planten en veertien staties. Op 25 mei 1902 wordt de kruisweg geopend, maar hij raakt pas voltooid op 13 september 1903. De calvarieberg vormt de twaalfde statie met onderaan een altaar voor Franciscus met een geschilderd altaarstuk waarop deze heilige bij Golgota aanwezig is. Hogerop op begroeide rotsen torent Christus aan het kruis uit boven vier witte figuren en staan links en rechts van hem de kruisen van de beide moordenaars, de goede en de slechte. Alleen de goede maakt een handgebaar naar Christus.  


Calvarieberg Vieux Cimetière, Rue Henry Leroy, Soignies.

Een in 1808 door vader en zoon Nicolas Legros aangelegde calvarie met graflegging. Naast Christus, Maria en Johannes zijn er nog twee figuren, waarvan de een de hostie vasthoudt, de ander een kelk (?). Het oude kerkhof van Zinnik is nu een openluchtmuseum met oude grafmonumenten en een grote kapel, die als opslagplaats wordt gebruikt.


Calvarieberg Sint-Jan de Doper op begraafsplaats, Kerkstraat 4, Gemert (Nederland).

Heuvel met een hardstenen kruis met Christus, Maria en Johannes en onder in deze heuvel een graflegging met een piëta-Mariafiguur en twee mannen met doeken, gemaakt door het Roermondse beeldhouwersatelier J.A. Oor en Zonen.


Calvarieberg in kruiswegpark, Parklaan 3, Roermond (Nederland).

Tussen 1919 en 1928 is bij de Kapel van Onze-Lieve-Vrouw in ‘t Zand een kruiswegpark aangelegd naar ontwerp van Pierre Cuypers, beroemd als neogotisch architect van o.a. kasteel De Haar nabij Utrecht en het Rijksmuseum en Centraal Station van Amsterdam. Naast het park staat de neogotische Zandkapel uit 1896 van Johannes Kayser, op een plek die al sinds de 15de eeuw als bedevaartsoord bekend was. In het park is er een route langs veertien kruiswegstaties, waarvan de twaalfde als calvarieberg is uitgevoerd, waarvoor een groot plein ligt. Op de calvarieberg staan acht levensgrote beelden uit Franse kalksteen, gemaakt door beeldhouwer Jean Geelen uit Roermond. Naast Christus, Maria en Johannes zie je de geknielde profeten Jeremias en Jesaja, een knielende Maria Magdalena, een Romeinse soldaat en een opperpriester. In 2002 is het kruiswegpark als Rijksmonument erkend. Open van 1 mei tot 1 november van 9 tot 17u.


Calvarieberg op kerkhof, Deken van Miertstraat 2, Veghel (Nederland).

In 1852 hebben de broers Goossens deze calvarieberg opgesteld op het kerkhof, maar in 1873 is die naar achteren verplaatst op deze begraafplaats. Op een heuvel staat het kruis met Christus en onderaan knielt Maria Magdalena er tegenaan. Links en rechts Maria en Johannes en mogelijk nog twee andere figuren, een Romeinse soldaat en een wachter. Die zijn al eens verplaatst en stellen feitelijk de wachters bij het Heilig Graf voor. Maar het probleem is dat hier geen graf maar een vagevuur wordt uitgebeeld onder in de heuvel. Het is een wat tweeslachtige situatie, want ooit stond er ook nog een engel boven die kermende zielen. En dat lijkt dan weer eerder bij de grafgedachte aan te sluiten, waar een engel werd aangetroffen bij de lege grafkelder. De grote beelden zijn van kunststeen, de beeldengroep in het vagevuur van geglazuurd terracotta, dat ooit kleurrijker is geweest. Onder de heuvel zijn ook echte grafkelders en bij de twee dichtgemetselde toegangen staan opnieuw twee beelden: Judas.Makkabeüs en de apostel Paulus. Op het schild van hoger genoemde soldaat staat te lezen: “Het is eene heilige en zalige gedachte voor de overledenen te bidden // Machab” (Makkabeüs).


Calvarieberg

Foto: Vera Seppion