Hans BEERS schilderkunst - restauratie

HSP
Renée Van Hekken uit het prentenboek van marie-elise
In de helft van mijn leven ging ik zitten om te rusten en na te denken. Alles wat ik had durven verlangen en dromen, had ik gekregen; vervuld van schaamte en eer, van vreugde en verdriet, vroeg ik mij af: wat nu? Melancholia August Strindberg
Zomerse herinnering. ‘t Stropke staat op de hoek van de straat luidkeels te zindgen van “O sole mio” en een denkbeeldig orkest te dirigeren met gestrekte armen. Hij heefte een sjaal aan in de Belgische driekleur en een bijpassende rode pet met Belgium erop. Voetbalkoorts alom, ook bij de oudsten in de buurt. De lucht is ijl van de hitte vandaag en vuil. Als een slechte bouillabaisse. De hitte hangt overal. Ik moet bij zulke vroege hondsdagen dikwijls terug denken aan prachtige zomerse julidagen die ik in gezelschap van een schilder sleet, uit het Gentse. Hij woonde in een prachtige 19de eeuwse woning, met een tuin vol witte en roze rozen. Hij hield van Mozart, en van Monet en van Adema-Tzdeme. Kortom een ware romanticus zoals ze er nog maar weinigen maken. Ik heb nog altijd drie etsen van hem, met rozentekeningen erop. Aan mij opgedragen. Want het was een echte gentleman, een ware dandy. En zijn naam was die van een Noorse dondergod. Elegant en hoffelijk was hij altijd. We aten taartjes met zilveren vokjes op porseleinen zacht beschilderde oude schoteltjes. En dronken champagne rosé uit glazen met gegraveerde eenden erop. Symboliserend de jacht. Het was een mooie, stille tijd. Tussen tuin en wereld. Het is allemaal vergane zomertijd nu ik eraan terug denk. En de dondergod is gestorven, al een tijd geleden. Aan kanker. Ik eet nog altijd taartjes met zilveren vorkjes op porseleinen bordjes. En ik probeer nog altijd een glans van elegantie te behouden. Ter nagedachtenis van de velen die in de zomertijd heen gingen, een hele rij. Gelukkig hoeven ze de huidige lelijkheid niet te aanschouwen, ze zouden de stenen uit de grond vloeken van pure miserie om zoveel teloorgang van schoonheid nu. Ik zoek mijn tuinstoel op in een stille, mooie tuin vol verwilderde bloemen en verdord gras van de hitte, en mijmer boven een glaasje champagne rosé. Mistig warm, mysterieus als een geheime tuin. Als een oud bestaand gedicht, het mijne.
Dagdroom - Jos Laureys